SONACAST
Ontdek het op Google PlayDownload in de App Store

Verhaal

Ali Baba en de veertig rovers

15 min7-9 jaar

Luister naar het begin

Dit is het begin van het verhaal. Het hele verhaal speelt in de Sonacast-app.

Het verhaal

Introductie

Hallo, kleine schatzoekers! Zijn jullie klaar voor een spannend verhaal vol geheimen en magie? Stel je eens voor: een verborgen grot, diep in de bergen, waar de grootste schatten op je wachten. Maar pas op! Deze schatten worden bewaakt door veertig gemene rovers. Vandaag duiken we in het avontuur van Ali Baba. Hoe ontdekt hij het geheim van de grot en hoe slim moet hij zijn om de rovers te slim af te zijn? Luister goed, want dit is een verhaal dat je niet wilt missen!

De Ontdekking van de Grot

Ali Baba was een arme houthakker, die elke dag hard werkte in het bos. Met zijn oude ezel ging hij de bergen in om takken en hout te verzamelen. Op een zonnige ochtend, toen Ali Baba diep in het bos was, hoorde hij plotseling een vreemd geluid. Het klonk als galopperende paarden! Snel verstopte hij zich achter een grote boom, zo stil als een muis. Hij kneep zijn ogen dicht en wachtte. Toen zag hij ze: veertig ruige mannen op grote paarden! Ze droegen glimmende zwaarden en hadden boze gezichten. Ali Baba wist meteen dat dit de beruchte rovers moesten zijn waar iedereen bang voor was. Ze stopten voor een enorme rotswand. Hun leider stapte naar voren en riep met een diepe stem: "Sesam, open u!" Wow! Tot Ali Baba's grote verbazing schoof de rotswand langzaam opzij! Een donkere opening verscheen, als een geheime mond in de berg. De rovers liepen naar binnen, hun paarden lieten ze buiten staan. Ali Baba, met zijn hartje kloppend als een trommel, wachtte geduldig. Wat zou daar binnen zijn? Wat een geheim!

Het Geheim van Sesam

Ali Baba wachtte lang en wachtte nog langer. Eindelijk, na wat voelde als een hele lange tijd, kwamen de veertig rovers weer naar buiten. Ze waren vrolijk en ze lachten hard. De leider, een grote man met een boze blik, stond voor de rots en riep iets. Ali Baba luisterde heel goed. “Sesam, sluit u!” riep de rover. En precies zoals de rots zich had geopend, sloot hij zich nu weer! De zware steen schoof zachtjes terug op zijn plaats en de ingang was helemaal verdwenen. De rovers sprongen op hun paarden en galoppeerden weg, verdwijnend in de verte. Ali Baba wachtte geduldig tot de laatste klanken van de paardenhoeven waren weggestorven. Toen, met een klein beetje kriebels in zijn buik, stapte hij voorzichtig dichterbij. Hij stond voor de plek waar de rots was verdwenen. Zou het echt werken? Hij nam een diepe adem. “Sesam, open u!” riep Ali Baba, precies zoals hij de rover had horen doen. En tot zijn grote verrassing en vreugde, schoof de rots opnieuw open! Een donkere opening verscheen, uitnodigend en mysterieus. Ali Baba stapte naar binnen. De grot was groot en glinsterend! Overal zag hij stapels goudstukken, bergen zilveren munten, en juwelen die schitterden als duizend sterren. Er waren prachtige zijden stoffen en glimmende zwaarden. Het leek wel een schatkamer uit een sprookje! Ali Baba had nog nooit zoiets moois gezien. Hij wist dat hij arm was en hard werkte, en dit was een kans om zijn familie te helpen. Hij nam niet alles,, alleen een paar zakken vol glimmende munten. Precies genoeg om zijn vrouw en kinderen een fijn leven te geven. Met zijn hart vol blijdschap en zijn zakken vol goud, liep Ali Baba weer naar buiten. Hij draaide zich om naar de rots. “Sesam, sluit u!” zei hij. En de rots schoof dicht, alsof er nooit een opening was geweest. Ali Baba haastte zich naar huis, zijn ezel volgeladen met zijn geheime schat. Wat een wonderlijke dag was dit! Zijn leven zou nu voorgoed anders zijn. Maar, hij moest wel heel voorzichtig zijn, want dit was een groot geheim.

Kassim's Gierigheid en het Gevaar

Ali Baba's leven was inderdaad voorgoed anders. Zijn huis was nu gevuld met heerlijk eten en mooie spulletjes, niet alleen voor hem, maar ook voor zijn lieve vrouw en kinderen. Ze waren gelukkig, en Ali Baba voelde zich zo rijk vanbinnen, niet alleen door het goud, maar door de vreugde die hij kon delen. Toch fluisterde er soms een klein stemmetje in zijn hoofd dat hem eraan herinnerde dat hij heel voorzichtig moest zijn. Hij had een groot geheim. Maar geheimen, hoe goed ze ook bewaard worden, vinden soms toch een weg. Ali Baba's broer, Kassim, was een rijke man. Kassim had veel kamelen, een groot huis en kleding van de fijnste stoffen. Maar Kassim was ook een beetje gierig. Hoe meer hij had, hoe meer hij wilde. Hij zag dat Ali Baba, die altijd arm was geweest, nu ineens zo vrolijk en welvarend was. "Ali Baba," zei Kassim op een dag, terwijl hij zijn wenkbrauwen fronste, "jij zag er gisteren nog uit alsof je een zware dag had. En nu? Je lacht de hele dag! En je vrouw draagt een nieuwe jurk! Waar komt dat allemaal vandaan?" Ali Baba probeerde het af te wimpelen. "Ach broer, ik heb gewoon hard gewerkt. De goede God heeft ons gezegend met wat extra geluk." Maar Kassim geloofde hem niet. Hij bleef aandringen, en zijn vrouw, die net zo nieuwsgierig was, begon ook vragen te stellen. Ze wilden weten waar het geld vandaan kwam. Ali Baba wilde zijn broer en schoonzus graag blij maken, maar hij wist ook dat Kassim's hebzucht hem in gevaar kon brengen. Na lang aandringen, en omdat hij zijn broer toch vertrouwde, besloot Ali Baba uiteindelijk het geheim te vertellen. "Het is een magische grot," begon Ali Baba te vertellen, zijn stem zachtjes. Hij beschreef de rotsen, de speciale woorden, en de ongelooflijke schatten die erin lagen. "Maar broer, je moet heel voorzichtig zijn. Het is gevaarlijk en het is het geheim van de rovers." Kassim luisterde met grote, glimmende ogen. Hij hoorde nauwelijks de waarschuwingen. Het enige wat hij hoorde was: 'schatten', 'goud', 'diamanten'! Hij kon alleen maar denken aan hoeveel rijker hij zou worden. Hij droomde al van nog grotere huizen, nog meer kamelen en bergen vol glimmend goud. Gierigheid vulde zijn hart en maakte zijn verstand een beetje blind. De volgende ochtend, nog voor de zon goed en wel op was, vertrok Kassim. Hij nam wel tien ezels mee, want hij wilde zoveel mogelijk schatten meenemen. Hij galoppeerde naar de plek die Ali Baba hem had beschreven. Daar was het! De grote rots, verborgen tussen de bomen. "Sesam, open u!" riep Kassim vol ongeduld, net zoals Ali Baba hem had geleerd. En zowaar, de rots schoof opzij, precies zoals in het verhaal! Kassim's ogen werden zo groot als schoteltjes. Binnenin zag hij nog meer schatten dan Ali Baba had beschreven. Bergen van goudstukken, stapels glimmende juwelen, zwaarden met edelstenen, zijden tapijten in alle kleuren van de regenboog! "Ooooh!" kreunde Kassim van plezier. Hij rende naar binnen en begon alles te verzamelen. Hij vulde zak na zak met goud en diamanten. De ezels buiten zouden het er maar druk mee krijgen! Hij was zo druk bezig met het opscheppen van de schatten, dat hij helemaal vergat hoe laat het was. En nog belangrijker, hij vergat de magische woorden! "Open u, gerst!" riep Kassim, terwijl hij een grote zak met munten over zijn schouder gooide. Maar de rots bleef dicht. "Open u, tarwe!" probeerde hij toen, in paniek. Nog steeds niets. "Open u, rijst! Open u, maïs! Open u, erwten!" Kassim probeerde allerlei graansoorten, maar geen enkele werkte. Zijn gezicht werd wit van schrik. Hij was gevangen! En terwijl hij daar stond, omringd door al die schatten die hij niet mee naar buiten kon nemen, hoorde hij in de verte een geluid. Het was het geluid van hoeven, steeds dichterbij komend. Het geluid van veertig paarden. De rovers! Ze kwamen terug! Kassim verstopte zich achter een stapel gouden bekers, zijn hart bonkte als een trommel. De rots schoof open en de veertig rovers stapten naar binnen. Hun leider keek rond in de grot. "Wat is hier gebeurd?" gromde hij, zijn stem diep en gevaarlijk. "Wie heeft onze grot bezocht?" Het duurde niet lang voordat ze Kassim vonden. De rovers waren woedend! Hun schatten waren aangeraakt, hun geheime plek was ontdekt. En daar was Kassim, bibberend van angst, omringd door de schatten die hij zo graag wilde hebben, maar die nu zijn valkuil waren geworden. Hij had zijn gierigheid niet in bedwang kunnen houden, en nu was hij in groot gevaar. Wat zou er met hem gebeuren?

Morgiana's Slimheid en de Nederlaag van de Rovers

Ali Baba wachtte, maar Kassim kwam niet thuis. Zijn hart bonsde van ongerustheid. Waar was zijn broer gebleven? Ali Baba moest gaan kijken. Voorzichtig reed hij naar de rots. “Sesam, open u!” fluisterde hij. De rots gleed opzij. Daar, in de grot, zag hij Kassim. De rovers waren teruggekomen. Kassim's lichaam was niet meer heel. Ali Baba's ogen vulden zich met tranen. Hoe kon hij Kassim terugbrengen zonder dat iemand iets zou merken? Ali Baba bracht Kassim's lichaam naar huis. Thuis riep hij Morgiana, zijn slimme dienstmeisje. “Morgiana,” zei Ali Baba, “Kassim is dood. De rovers hebben hem gevonden. We moeten hem begraven alsof hij een natuurlijke dood stierf, anders zijn wij ook in gevaar!” Morgiana dacht na. “Ik weet wat te doen,” zei ze. Ze zocht de beste kleermaker, blinddoekte hem, en bracht hem naar Ali Baba's huis. “U moet een man weer heel maken,” zei ze. De kleermaker naaide Kassim's lichaam weer aan elkaar. Toen hij klaar was, bracht Morgiana hem geblinddoekt terug. Niemand wist wie Kassim had geheeld. Wat een slimme truc! Mensen dachten dat Kassim vredig was overleden. Ali Baba en Morgiana begroeven hem, maar hun geheim bleef veilig... dachten ze. De rovers kwamen terug bij hun grot. Ze waren woedend dat Kassim's lichaam weg was! “Iemand anders weet van onze grot!” bulderde de kapitein. “We moeten die persoon vinden!” Een rover ging naar de stad en vond Ali Baba's huis. Hij zette een groot, wit kruis op de deur. “Zo,” zei hij, “vannacht slaan we toe!” Maar Morgiana zag het witte kruis. “Vreemd,” dacht ze. Ze pakte krijt en zette op álle deuren in de straat hetzelfde witte kruis! Toen de rovers ’s avonds terugkwamen, zagen ze overal kruizen. “Stommelingen!” brulde de kapitein. “Iemand heeft ons plan doorzien!” De kapitein gaf niet op. Hij stuurde een andere rover. Deze zette een klein, zwart driehoekje op Ali Baba's deur. Maar Morgiana, altijd op haar hoede, ontdekte ook dit teken. Ze zette op álle deuren een klein, zwart driehoekje! Weer keek de roverskapitein naar een straat vol dezelfde tekens. “ONGELOOFELIJK!” brulde hij. “Ik doe het zelf wel!” De volgende dag ging de roverskapitein zelf. Hij onthield elk detail van Ali Baba’s huis. Geen teken, geen kruis, geen driehoekje. Gewoon onthouden. De kapitein had een gemeen plan bedacht. Hij kocht veertig grote oliekruiken. In 39 kruiken stopte hij een rover! De veertigste vulde hij met echte olie. Hij verkleedde zich als olieman en reed met zijn ezel, beladen met kruiken, naar Ali Baba's huis. “Goedenavond, meneer,” zei de kapitein. “Ik kom van ver. Mag ik alstublieft mijn kruiken hier bewaren voor de nacht?” Ali Baba was een aardige man. “Natuurlijk,” zei hij. “Zet uw kruiken maar op de binnenplaats. U bent welkom om ook binnen te slapen.” De kapitein zette de kruiken neer. Later, toen iedereen sliep, wilde hij de rovers uit de kruiken laten komen. Maar Morgiana... oh, Morgiana! Morgiana was in de keuken. Ze had olie nodig voor een lamp. “Misschien kan ik wat olie halen uit een van die kruiken op de binnenplaats.” Ze pakte een lamp en ging naar buiten. Toen ze bij de eerste kruik kwam, hoorde ze een zacht geluidje. “Is het al tijd, kapitein?” fluisterde een stem uit de kruik. Morgiana schrok! Het was geen olie! Het was een rover! Ze liep snel naar de volgende kruik. “Is het al tijd, kapitein?” fluisterde een andere stem. In elke kruik zat een rover! Behalve in die ene met echte olie. Morgiana, zonder een seconde te verliezen, wist wat te doen. Ze pakte een grote pan en vulde die met water. Ze zette de pan op het vuur en liet het water koken, koken, koken! Toen het water borrelde, goot ze het kokend hete water in elke kruik waar een rover in zat. De rovers waren verrast en verslagen. De dreiging was voorbij. De roverskapitein sliep heerlijk. De volgende ochtend, toen hij zijn rovers wilde roepen, kwam Morgiana naar hem toe. “Kapitein,” zei ze, “uw rovers zullen u niet meer helpen.” Ze legde uit wat ze had gedaan. De kapitein probeerde te vluchten, maar Ali Baba en zijn dienaren hadden hem snel te pakken. Zo kwam er een einde aan de gevaarlijke roversbende, allemaal dankzij de ongelofelijke slimheid van Morgiana. Ali Baba was zo dankbaar. Hij beloonde haar rijkelijk en behandelde haar als een dochter. En zo leefden Ali Baba en Morgiana, met de schatten van de grot, nog lang en gelukkig.

Uitsmijter

En zo eindigt het spannende avontuur van Ali Baba en de veertig rovers! Wat fijn dat je helemaal tot het einde mee bent gereisd in dit magische verhaal. We hopen dat je hebt genoten van de dappere Ali Baba en de slimme Morgiana. Laat Sonacasts weten wat je ervan vond. Wie weet bedenk jij nu wel je eigen fabelachtige verhaal, vol wonderlijke figuren en verborgen schatten. Tot de volgende keer, lieve luisteraars!

Meer verhalen